Fiscaal Nieuws

Shortcode found: autoenfiscusxml

Lees hier het laatste fiscale nieuws

Tweede Kamer neemt Belastingplan 2019 aan


De Tweede Kamer heeft op 15 november ingestemd met het Belastingplan voor het jaar 2019 en met de bijbehorende wetsvoorstellen. Hieronder een overzicht van de belangrijkste fiscale punten voor de auto. Bijtelling volledig elektrische auto’s In het belastingplan zelf zat geen voorstel voor aanpassing van de bijtelling. De bijtelling van 4% voor volledig elektrische auto’s en waterstofauto’s blijft ook in 2019 doorlopen. Voor nieuwe volledig elektrische auto’s geldt het 4%-tarief van 2019 voor de eerste € 50.000 van de catalogusprijs. Voor het eventuele deel daarboven geldt het bijtellingspercentage van 22%. In de aanloop naar de stemming hadden diverse kamerfracties gevraagd naar de mogelijkheden van uitstel van deze aftopping, maar dat uitstel is er uiteindelijk niet gekomen. De aftopping geldt overigens niet voor waterstofauto’s. Lagere netto bijtelling Het verlagen van de tarieven van de loon- en inkomstenbelasting (in ruil voor verhoging van de btw-tarieven) betekent effectief een lagere netto bijtelling dan voorheen. Voor een auto van 30.000 euro en een bijtelling van 22% levert de stapsgewijze verlaging van 40,85% naar 37,05% inkomstenbelasting bij dat uiteindelijke tarief jaarlijks een netto besparing op van 250 euro. Energie-investeringsaftrek De energie-investeringsaftrek van 54,5% in 2018 daalt naar 45% in 2019. Deze aftrek geldt bijvoorbeeld voor een lichtgewicht bakwagenopbouw. De nieuwe energielijst met investeringen die in 2019 in aanmerking komen voor deze extra aftrek wordt in de laatste week van 2018 verwacht. BPM en taxi’s In de BPM verdwijnt vanaf 2020 de teruggaafregeling voor taxi’s. Dat treft ook het zogenaamde doelgroepenvervoer. Een amendement om de teruggaafmogelijk daarom te laten bestaan, is door de Tweede Kamer verworpen. Er is wel een motie aangenomen om te monitoren dat er voldoende en tijdig aanbod is van zeer zuinige en emissievrije voertuigen voor het zorg- en doelgroepenvervoer. Daarover spreekt de Tweede Kamer dan verder bij het Belastingplan voor het jaar 2020. Motorrijtuigenbelasting Voor de handhaving van de MRB mag de belastingdienst weer camerabeelden met nummerplaatherkenning gaan gebruiken. De Tweede Kamer heeft ook een motie aangenomen voor een strengere aanpak van gebruik van buitenlandse kentekens. Geplaatst op: 15 november 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/tweede-kamer-neemt-belastingplan-2019-aan/

Auto van de zaak omzetten naar het privévermogen


De auto op de zaak kan voor ondernemers en directeuren-aandeelhouders (dga’s) een voordelig keus zijn. Maar kan de auto na verloop van tijd ook naar privé? Als de personenauto van de ondernemer of dga op de zaak staat, kan het zo zijn dat na verloop van de tijd de conclusie is dat de bijtelling voor privégebruik niet meer in een juiste verhouding staat tot de werkelijke autokosten. Helaas geldt pas bij 15 jaar een bijtelling op basis van de werkelijke waarde van de auto. Voor de ondernemer zelf geldt weliswaar een regeling waardoor de bijtelling niet meer kan zijn dan de werkelijke kosten, maar per saldo resteert er dan geen aftrek van autokosten meer in de zaak. In zo’n geval zou een privéauto met aftrek van de zakelijke kilometers voordeliger zijn. Voor deze ondernemers, met bijvoorbeeld een eenmanszaak of VOF, geldt echter dat zij de auto alleen naar privé mogen overbrengen als de auto voortaan minder dan 10% zakelijk gebruikt wordt. Een optie kan dan zijn om over te stappen op een andere auto en voor die auto een nieuwe keuze tussen privé- of zakelijk vermogen te maken. Voor dga’s geldt de maximering van de bijtelling op de werkelijke kosten niet. Zij hebben echter wel de flexibiliteit dat de B.V. de auto aan henzelf in privé kan verkopen. Denk er dan wel aan dat de dga in privé geen btw-aftrek op zijn personenauto heeft, terwijl de B.V. dat meestal wel heeft. Desondanks kan het declareren van kilometers, zeker na de eerste gebruiksjaren met een hogere afschrijving, gunstiger zijn dan een bijtelling voor privégebruik. Geplaatst op: 10 november 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/auto-van-de-zaak-omzetten-naar-het-privevermogen/

Bovag en RAI: aanpassing BPM-tarieven noodzakelijk


Nu de CO2-uitstoot van nieuwe auto’s via de nieuwe WLTP-methode wordt berekend, is de vraag of de BPM-tabel daar niet op moet worden aangepast. Staatssecretaris Snel van Financiën schreef onlangs aan de Tweede Kamer dat hij daar nog geen noodzaak voor ziet. Bovag en RAI denken daar anders over, en vragen de Tweede Kamer in actie te komen. Voor de bepaling van de CO2-uitstoot van een auto geldt vanaf 1 september 2018 een nieuwe methode: de WLTP. Met een omrekenfactor geldt de met de nieuwe methode vastgestelde CO2-uitstoot vervolgens ook voor de BPM, de aanschafbelasting op een nieuwe auto. De bedoeling was dat de hoogte van de BPM door de invoering van de nieuwe meetmethode niet zo wijzigen. De vorige staatssecretaris van Financiën sprak over “budgetneutraliteit”. Onlangs schreef staatssecretaris Snel aan de Tweede Kamer dat het op basis van door TNO geanalyseerde uitstootdata niet mogelijk is om te concluderen dat er door de nieuwe testmethode sprake is van een hogere CO2-uitstoot van WLTP-auto’s. TNO concludeerde ook dat WLTP-geteste auto’s andere eigenschappen hebben dan NEDC-geteste auto’s. Snel zag dan ook geen aanleiding om de BPM-tarieven per 2019 al aan te passen. Bovag en RAI kwamen vandaag echter met eigen berekeningen. Met een grote lijst aan voorbeelden van auto’s die geen technische wijziging hebben ondergaan in verband met de nieuwe WLTP-testmethode, laten beide organisaties zien dat de BPM wel degelijk stijgt. Dit terwijl de vergeleken voertuigen identiek zijn qua gewicht, motorvermogen en technische specificaties. Bovag en RAI pleiten voor een aanpassing van de BPM-tarieftabel zodat er alsnog sprake is van een budgetneutrale invoering van de nieuwe meetmethode. De Tweede Kamer spreekt maandag 5 november in commissieverband over het Belastingplan 2019, waarna later deze maand de plenaire behandeling plaatsvindt. Wij houden u van het vervolg op de hoogte. Geplaatst op: 1 november 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/bovag-en-rai-aanpassing-bpm-tarieven-noodzakelijk/

Kabinet houdt vast aan afschaffing taxiregeling


In deze weken bespreekt de Tweede Kamer het Belastingplan 2019. In een eerste schriftelijke ronde reageert de staatssecretaris nu op vragen vanuit de Tweede Kamer. Duidelijk lijkt dat hij vast wil houden aan afschaffing van de BPM-teruggaafregeling voor taxi’s. Het kabinet erkent dat niet alleen het gewone taxivervoer door de per 2020 geplande afschaffing van de teruggaafregeling geraakt wordt, maar het ook het doelgroepenvervoer. Ingeschat wordt dat ongeveer 36% van alle taxi’s een taxibus is en dat 15% van alle taxi’s een rolstoeltaxi(bus) is. Ook voor hen gaat de kilometerkostprijs dan omhoog. Dat geldt ook voor vrijwilligersvervoerprojecten. Het kabinet wijst er echter op dat de kostenstijging van de toekomstige keuze afhangt, en verwacht daarom geen grote kostenstijgingen. Er zijn of komen namelijk zeer zuinige of emissievrije alternatieven. Tegelijkertijd erkent het kabinet dat het verlengen van de afschrijvingsduur of import van een gebruikte auto ook mogelijk is. Wel geldt er bij deze maatregel een overgangsregeling, waarmee nog teruggaaf mogelijk is voor investeringen in 2019. Diverse Tweede Kamerfracties vroegen ook naar de mogelijkheid van uitstel van de aftopping van de 4%-bijtelling voor elektrische auto’s op 50.000 euro. Deze regeling gaat in per 2019. Maar komt dat niet te vroeg, zo vroegen deze fracties. Het kabinet wil echter toch vasthouden aan invoering per 2019. Het belangrijkste argument daarvoor is het willen voorkomen van overstimulering. Beide punten komen naar verwachting in de loop van november nog terug als de Tweede Kamer de plannen mondeling behandelt. Wij houden u op de hoogte. Geplaatst op: 26 oktober 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/kabinet-houdt-vast-aan-afschaffing-taxiregeling/

Voorlopig geen aanpassing van de BPM-tabel


Nu de CO2-uitstoot van nieuwe auto’s via de nieuwe WLTP-methode wordt berekend, is de vraag of de BPM-tabel daar niet op moet worden aangepast. Staatssecretaris Snel van Financiën ziet daar nog geen aanleiding voor. Dat schrijft hij aan de Tweede Kamer. De tarief van BPM, de aanschafbelasting op de registratie van nieuwe auto’s, is bijna helemaal afhankelijk van de CO2-uitstoot. Vanaf 1 september 2018 geldt daarvoor de WLTP. Deze vervangt de verouderde NEDC-testmethode. Een uitzondering hierop zijn auto’s die nog op voorraad zijn en waarvan de CO2-uitstoot nog volgens de oude NEDC-testmethode is vastgesteld. Voor de monitoring van de Europese fabrikantennorm voor de CO2-uitstoot krijgen alle WLTP-geteste auto’s in elk geval tot en met 2020 ook een CO2-uitstoot conform de NEDC. Deze zogenaamde NEDC 2.0-waarde kan worden berekend met een Europese rekenmodel. Dat is zo opgesteld dat het zou moeten leiden tot dezelfde CO2-uitstoot als wanneer de auto zou zijn getest met de NEDC. Fiscaal is in Nederland vervolgens geregeld dat voor de berekening van de BPM op WLTP-geteste auto’s nog gebruik gemaakt wordt van de NEDC 2.0-waarde van deze WLTP-auto’s. Pas later wordt een op de WLTP-testresultaten gebaseerde BPM-tarieftabel ingevoerd. De huidige werkwijze zou daarbij budgetneutraal moeten zijn. Uit de markt kwamen de afgelopen tijd echter signalen dat de NEDC 2.0-waarden van WLTP-auto’s gemiddeld hoger is dan verwacht, zodat de BPM ook hoger is dan voorheen. Het Ministerie van Financiën heeft TNO gevraagd dit te onderzoeken. TNO rapporteert op basis van de tot september beschikbare data van in Nederland geregistreerde WLTP-auto’s dat de NEDC 2.0 -uitstoot van WLTP-auto’s gemiddeld 9 g/km hoger is dan van in 2018 geregistreerde auto’s die alleen volgens de oude NEDC-testmethode zijn getest. TNO geeft tegelijkertijd aan dat deze WLTP-auto’s gemiddeld genomen zwaarder zijn en over meer motorvermogen beschikken dan hun ‘vergelijkbare’ NEDC-voorgangers. Als TNO corrigeert voor deze verschillen in voertuigkarakteristieken, bedraagt het CO2-verschil 1 g/km voor benzineauto’s en 5 g/km voor dieselauto’s. De staatssecretaris schrijft aan de Tweede Kamer dat het op basis van de geanalyseerde uitstootdata niet mogelijk om te concluderen dat er door de nieuwe testmethode sprake is van een hogere NEDC 2.0-uitstoot van WLTP-auto’s. Volgens TNO is er een samenspel van meerdere factoren, waarin de nieuwe WLTP-testmethode slechts een beperkte – niet kwantificeerbare - rol speelt. Gezien het nog beperkte aantal WLTP-auto’s is het ook een momentopname. Het Kabinet ziet in het rapport van TNO dan ook geen aanleiding om de BPM-tarieven per 2019 al aan te passen. Volgend voorjaar volgt er een nieuw rapport. Op basis daarvan wordt dan bekeken of het mogelijk is een nieuwe, op de WLTP gebaseerde, BPM-tabel in te voeren per 2020. Geplaatst op: 19 oktober 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/voorlopig-geen-aanpassing-van-de-bpm-tabel/

Huren van de werkgever kan leiden tot bijtelling


Kun je door het huren van de auto van je werkgever de bijtelling voor privégebruik voorkomen? In de jurisprudentie zijn er helaas voorbeelden waarin de huur leidde tot een bijtelling. Zo ging het bijvoorbeeld om een medewerker van een bedrijf van wie de belastingdienst over drie jaren de rittenregistratie controleerde. Met die rittenregistraties wilde deze medewerker de bijtelling over zijn auto van de zaak voorkomen. In elk van de jaren was er echter ook tussen de 2.700 en 4.200 km gereden voor vakantieritten. Voor deze vakantieritten was er een huurovereenkomst gemaakt tussen de medewerker en het bedrijf. Hij betaalde jaarlijks tussen de € 450 en € 1.150 aan huur voor de auto. De belastingdienst merkte deze auto echter voor het hele jaar aan als auto van de zaak. Dat leidde tot een bijtelling over het hele jaar. Wel mocht de betaalde huurvergoeding als bijdrage voor privégebruik worden afgetrokken. In hoger beroep oordeelde het Gerechtshof dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat de naheffingen in stand moesten blijven. De gereden vakantiekilometers waren privékilometers met de auto van de zaak. Het huren van de auto maakt dat niet anders. Geplaatst op: 13 oktober 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/huren-van-de-werkgever-kan-leiden-tot-bijtelling/

Verkeersboete toch aftrekbaar?


Helaas komt het soms toch voor: Een verkeersboete voor bijvoorbeeld een snelheidsovertreding. Maar is zo’n boete aftrekbaar van de winst van de onderneming? Als de boete is opgelegd voor een auto van de zaak die door een werknemer wordt gebruikt, komt die boete normaalgesproken bij het bedrijf binnen. Als de werkgever besluit de boete niet op de berijder te verhalen, is dat in principe belast loon voor de werknemer. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat de werkgever ook gerechtigd is boetes voor snelheidsovertredingen die beperkt en onopzettelijk zijn (snelheidsovertredingen van niet meer dan 10 km per uur) op de werknemer te verhalen. Doet de werkgever dat niet, dan heeft dat niet verhalen dus fiscale gevolgen. Dat loon mag de werkgever binnen de kaders van de gebruikelijkheidstoets wel verwerken binnen de werkkostenregeling. Dan kan daarvoor de vrije ruimte gebruikt worden. Het voordeel blijft dan onbelast. Anders geldt een eindheffing bij de werkgever. Dat kan een tariefsvoordeel opleveren. De vervolgvraag is of je deze boete daarna moet zien als loonkosten of als autokosten in de vorm van een boete. In dat laatste het geval, dan geldt volgens de wet dat de kosten niet aftrekbaar zijn van de winst. Mag je het zien als loonkosten, dan kan de stelling worden verdedigd dat de aftrekbeperking niet geldt. Eenduidige jurisprudentie is er echter nog niet over. Geplaatst op: 4 oktober 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/verkeersboete-toch-aftrekbaar/

Planbureau Leefomgeving: auto van de zaak belangrijk voor vergroening


Auto’s van de zaak zorgen voor bijna 25% van de jaarlijkse totale CO2–uitstoot door het Nederlandse personenautoverkeer en spelen daarmee een belangrijke rol in de vergroening van het Nederlandse wagenpark. Uit de evaluatie ‘Fiscale vergroening en de auto van de zaak’ van het Planbureau voor de Leefomgeving blijkt dat de gedifferentieerde bijtelling op de auto van de zaak in de periode van 2011 tot en met 2016 tot minder CO2-uitstoot heeft geleid. De bijtelling was in die jaren sterk afhankelijk van de CO2-uitstoot van de auto. Het planbureau stelt wel dat de effectieve milieuwinst met een andere vormgeving van het beleid effectiever had kunnen zijn. De vergroening in de bijtelling zou effectiever geweest zijn wanneer een systeem met absolute kortingen gehanteerd was in plaats van procentuele kortingen. Een naar CO2-uitstoot gedifferentieerde bijtelling met absolute kortingen leidt er namelijk toe dat goedkopere, veelal lichtere en zuinige auto’s relatief meer korting krijgen dan duurdere auto’s die vaak zwaarder en relatief minder zuinig zijn. Ook zou het beleid effectiever zijn geweest als elektrische auto's meer zouden doorstromen naar de particuliere tweedehandsmarkt na afloop van het zakelijk gebruik. Nu de bijtellingskortingen voor nieuwe auto’s alleen nog gelden voor nulemissieauto’s, is met name dat laatste punt belangrijk. Ook na het beperken van de bijtellingskortingen blijft de auto van de zaak overigens van belang voor de vergroening. Fiscaal is de aanschafbelasting BPM daarvoor belangrijk. Daarnaast heeft de werkgever een grote rol via de binnen het bedrijf geldende autoregeling. Geplaatst op: 26 september 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/planbureau-leefomgeving-auto-van-de-zaak-belangrijk-voor-vergroening/

Prinsjesdag en de plannen voor 2019


Op Prinsjesdag heeft het kabinet de fiscale plannen voor het nieuwe jaar aan de Tweede Kamer aangeboden. Hieronder zetten wij de belangrijkste maatregelen voor 2019 op een rij die u als automobilist raken. Bijtelling De bijtelling houdt in 2019 een standaardtarief van 22% van de catalogusprijs. Nulemissieauto’s krijgen hierop ook in 2019 een korting, zodat de bijtelling voor deze auto’s 4% is. Voor elektrische auto’s met een eerste kentekendatum vanaf 2019 geldt die korting tot een catalogusprijs van € 50.000. Daarboven geldt dan 22%. Voor waterstofauto’s geldt deze aftopping van de korting niet. Ook in 2019 zullen er auto’s zijn waarvan de 60-maandsperiode van een bijtellingskorting afloopt. Deze auto’s krijgen na die 60-maandsperiode een bijtelling van 25%. Alleen nulemissieauto’s krijgen hierop na deze eerste 60 maanden nog een korting van 18 procentpunten (vanaf 2019 voor zover de catalogusprijs niet meer is dan € 50.000). Motorrijtuigenbelasting Voor dieselauto’s van 12 jaar en ouder zonder fabrieksroetfilter zou de MRB per 2019 omhooggaan met 15%. Voor een gemiddelde dieselpersonenauto in de gewichtsklasse 1350-1450 kilo zou dat een verhoging zijn van zo’n € 225 per jaar. Deze verhoging is in verband met IT-investeringen bij de belastingdienst tot nader order uitgesteld. Wel wordt vanaf 2019 controle op de naleving van de motorrijtuigenbelasting weer mogelijk met behulp van ANPR-camera’s. Na een arrest van de Hoge Raad over privacyaspecten hiervan is deze controle met kentekenherkenningscamera’s gestopt. In het belastingplan wordt nu alsnog een wettelijke grondslag voor deze controles opgenomen. Via een afzonderlijk wetsvoorstel is dit op een later moment ook de bedoeling voor controle van rittenregistraties ter voorkoming van de bijtelling voor privégebruik. Elektrische auto’s en waterstofauto’s houden in 2019 hun MRB-nihiltarief. Voor plug-in hybrides tot en met 50 gram/km CO2-uitstoot blijft het halftarief gelden. BPM De BPM is voor personenauto’s vrijwel helemaal gebaseerd op de CO2-uitstoot. Nu voor de meting daarvan een nieuwe methode wordt gebruikt (de WLTP-testmethode), moet ook de BPM-tabel hierop worden aangepast. Die nieuwe tabel is echter nog niet in de Prinsjesdagstukken opgenomen. De BPM-vrijstelling voor nulemissieauto’s blijft in 2019 bestaan. Zoals in het regeerakkoord al was aangekondigd, wordt de taxiregeling in de BPM op termijn afgeschaft. 2019 is het laatste jaar waarin de regeling nog gebruikt kan worden voor nieuwe auto’s. Voor bestaande situaties komt er een overgangsregeling. Voor taxi’s en OV blijft de vrijstelling van MRB wel gelden. Fiets van de zaak Naast een fiscale bijtellingskorting voor elektrische auto’s komt er vanaf 2020 ook een gunstige regeling voor de fiets van de zaak. Deze krijgt een fiscale bijtelling van 7% van de catalogusprijs. Tot slot Na Prinsjesdag gaat de Tweede Kamer eerst aan de slag met de Algemene Politieke Beschouwingen en de diverse begrotingen. Het belastingplan en de fiscale wetsvoorstellen die daarbij horen, staan op de planning voor de maand november. Tijdens de behandeling van de wetsvoorstellen kan er nog het nodige veranderen in bovenstaande plannen. Wij houden u dan via onze website op de hoogte. Geplaatst op: 18 september 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/prinsjesdag-en-de-plannen-voor-2019/

De bijtelling na afloop van de 60-maandsperiode


Heeft een auto van de zaak een bijtellingskorting, dan is de duur daarvan in principe 60 maanden. Maar wat gebeurt er na die 60 maanden? De afgelopen jaren zijn er veel auto’s van de zaak ingezet met een bijtellingskorting. De bijtelling varieerde afhankelijk van de CO2-uitstoot van de auto. In plaats van het gebruikelijke bijtellingstarief van 25% van de catalogusprijs (voor auto’s met een datum eerste toelating tot en met 2016) of van 22%, geldt er dan een lagere bijtelling. Zo waren er tarieven van 0%, 4%, 7%, 14%, 15%, 20% en 21%. Zo’n bijtellingskorting heeft dan een duur van maximaal 60 maanden. Tijdens die 60 maanden verandert het bijtellingspercentage van deze auto niet, ook al is voor nieuwe auto’s intussen een aangescherpte wettelijke regeling van kracht. Het bijtellingspercentage wordt overigens per auto bekeken: een nieuwe berijder kan dus ook de bijtellingskorting op deze auto krijgen. Na die 60 maanden wordt er gekeken of er op dat moment nog een bijtellingskorting geldt. Voor auto’s waarin die bijtellingskorting in 2018 afloopt, betekent dit dat er alleen nog een korting kan worden toegepast bij een CO2-uitstoot van 0 gram/km. Deze auto’s (elektrische auto’s en waterstofauto’s) krijgen dan een korting van 18 procentpunten. Die korting gaat af van het basistarief dat bij deze auto hoort. Dat was destijds 25%. De bijtelling wordt dan voor de rest van de maanden van 2018 7%. Als de wet niet wijzigt, wordt dat tarief dan per 2019 alleen nog toegepast op de eerste 50.000 euro catalogusprijs. Over de vraag of het verschil van 25% en 22% niet strijdig is met het gelijkheidsbeginsel loopt nog een procedure bij de Hoge Raad. In die zaak wordt binnenkort een uitspraak verwacht. Geplaatst op: 14 september 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/de-bijtelling-na-afloop-van-de-60-maandsperiode/

Controle Verklaring Uitsluitend Zakelijk Gebruik Bestelauto moet binnen redelijke termijn


Berijders die hun bestelauto van de zaak alleen gebruiken voor zakelijke ritten, kunnen de bijtelling voorkomen met een Verklaring Uitsluitend Zakelijk Gebruik Bestelauto. Het voordeel van zo’n verklaring is dat er geen rittenregistratie meer nodig is. Als de belastingdienst vermoedt dat de bestelauto toch privé gebruikt wordt, kan de inspecteur aan werkgever en werknemer vragen om aan te tonen dat de rit zakelijk was. In een recente procedure kwam in hoger beroep de vraag aan de orde op welke manier de naheffing verloopt als het zakelijke karakter van de rit niet aangetoond kan worden. De belastingdienst had in die situatie een correctie aangebracht via een inkomstenbelastingaanslag van de werknemer, nadat hij zijn aangifte inkomstenbelasting had ingediend. Het Gerechtshof Amsterdam vindt dat geen juiste gang van zaken. De naheffing moet volgens het Hof via de loonbelasting verlopen. Daar komt volgens het Hof nog bij dat controle wel “in de actualiteit” moet gebeuren. De rit waar het hier om ging was op 27 februari 2013 gemaakt, maar de belastingdienst stelde daar pas in december 2015 vragen over. De “redelijke termijn” voor het bevragen over een geconstateerde rit is dan verstreken. De verhoging van de aanslag inkomstenbelasting ging met deze uitspraak helemaal van tafel. Niet uitgesloten is overigens dat de belastingdienst nog tegen dit oordeel in cassatieberoep gaat bij de Hoge Raad. Mocht dat het geval zijn, dan houden wij u vanzelfsprekend op de hoogte zodra er nieuwe ontwikkelingen zijn. Geplaatst op: 6 september 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/controle-verklaring-uitsluitend-zakelijk-gebruik-bestelauto-moet-binnen-redelijke-termijn/

Vanaf 1 september verplichte toepassing WLTP


Vanaf 1 september 2018 wordt de nieuwe WLTP-testmethode van kracht om de CO2-uitstoot voor nieuwe auto’s vast te stellen. De WLTP was weliswaar vorig jaar al ingegaan, maar tot 1 september 2018 alleen voor auto’s met een nieuwe typegoedkeuring. Bestaande modellen met NEDC-typegoedkeuring hoefden vanaf september vorig jaar nog niet opnieuw te worden getest. Dat is vanaf 1 september 2018 wel het geval. De testmethode wordt dan verplicht voor alle nieuw verkochte modellen met uitzondering van al geproduceerde auto’s die onder een overgangsregeling vallen. Met ingang van 1 september 2019 moeten alle nieuw verkochte voertuigen beschikken over een CO2-waarde vastgesteld conform de WLTP, en vervalt ook de overgangsregeling voor deze voorraadauto’s. De oude testmethode voor de vaststelling van de CO2-uitstoot (de NEDC testmethode) kende tekortkomingen waardoor de CO2-uitstoot in de praktijk vaak hoger uitkwam dan de in de test gemeten uitstoot. Daarom is een nieuwe testmethode ingevoerd. Dat is de Worldwide harmonized Light vehicles Test Procedures, afgekort als WLTP. Deze nieuwe testmethode doet meer recht aan het werkelijke brandstofverbruik dan de oude methode. Dat komt bijvoorbeeld doordat er gewerkt wordt met een test over een langere tijd, meer niet-stadsverkeerritten, een hogere topsnelheid en het mee laten tellen van opties. Door de invoering van de WLTP moeten ook de autobelastingen aangepast worden die met de CO2-uitstoot samenhangen. Dat betreft vooral de BPM. De op de WLTP gebaseerde BPM-tabel is er echter nog niet. Daarom wordt voorlopig nog de oude BPM-tabel toegepast, waarbij de WLTP-waarde wordt omgerekend naar een waarde volgens de oude systematiek. Deze omrekening leidt in de praktijk echter vaak wel tot een hoger CO2-uitstootgetal dan de oude NEDC-waarde. Aan de nieuwe tabel wordt nog gewerkt. Dit najaar komt TNO met een rapport wat kan dienen als basis voor de nieuwe tabel. De exacte ingangsdatum van die tabel is nog niet bekend. Wij houden u op de hoogte. Geplaatst op: 30 augustus 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/vanaf-1-september-verplichte-toepassing-wltp/

Bestelauto ter beschikking of toch niet


Wanneer staat een (bestel)auto van de zaak ter beschikking in de zin van de bijtelling voor privégebruik? In een recente procedure over een bestelauto van de zaak waarvoor geen loonheffing over de bijtelling was ingehouden, komt hiervoor een aantal criteria naar voren. De rechter verwees hiervoor naar een arrest van de Hoge Raad uit 2015: Van ter beschikking stellen van een auto is geen sprake indien een of meer werknemers die auto slechts besturen ter uitvoering van bepaalde opdrachten van de werkgever om in diens belang personen of goederen te vervoeren, zodat de feitelijke beschikkingsmacht over de auto bij de werkgever of een met deze verbonden lichaam blijft berusten. De Inspecteur voerde aan dat dit bedrijf structureel een auto ter beschikking heeft gesteld aan de betreffende medewerker, dat deze medewerker zelf verantwoordelijk is voor de routekeuze, dat hij zelf zorgt voor het bijvullen van de tank en dat hij de bestelauto in de regel mee naar huis mag nemen. Die stellingen werden door het bedrijf niet weersproken. Op de rechtszitting heeft het bedrijf ook verklaard dat de bestelauto ’s avonds door de medewerker mee naar huis werd genomen, ook tijdens korte vakanties en atv-dagen en daar geparkeerd stond, dat de autosleutels bij de berijder thuis lagen en dat de bestelauto vooral tijdens langere periodes van afwezigheid op het terrein van het bedrijf moest worden geparkeerd, zodat de bestelauto dan door andere werknemers kon worden gebruikt. De rechter oordeelde over deze situatie dat uit deze feiten volgt dat de medewerker de bestelauto “niet slechts bestuurde ter uitvoering van bepaalde opdrachten van de werkgever om in diens belang personen of goederen te vervoeren”. De medewerker gebruikte de auto buiten werktijd voor zijn woon-werkverkeer en de bestelauto stond dagelijks geparkeerd bij zijn woning. De feitelijke beschikkingsmacht over de bestelauto lag dus niet alleen bij het bedrijf, maar ook bij de berijder. De naheffing van de bijtelling, met een boete van 10%, bleef in stand. Geplaatst op: 23 augustus 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/bestelauto-ter-beschikking-of-toch-niet/

Zelf betaalde kosten niet aftrekbaar van de bijtelling


Zelf door een werknemer aan een derde betaalde (brandstof)kosten kunnen niet afgetrokken worden van de bijtelling voor privégebruik, ook niet als de werknemer zelf meer kosten maakt dan hij aan bijtelling heeft. De vraag komt nogal eens op of kosten die de berijder zelf betaalt, afgetrokken kunnen worden van de bijtelling. Op basis van de jurisprudentie is dat niet het geval. Zo is er bijvoorbeeld jurisprudentie over een berijder die drie maanden een auto van zijn werkgever ter beschikking had. Daarvoor betaalde hij elke maand een eigen bijdrage voor privégebruik van 50 euro. Die eigen bijdrage voor privégebruik was aftrekbaar voor de bijtelling. Tot zover geen discussie. Daarnaast moest hij blijkbaar zelf de brandstof van de auto betalen. Dat kostte hem meer dan de maandelijkse bruto bijtelling. Bij de rechter stelde deze berijder daarom dat die brandstofkosten tot maximaal het bruto bijtellingsbedrag in aftrek zouden moeten komen op de bijtelling. De rechter oordeelde echter dat dit niet mogelijk is: De wet staat aftrek van kosten die aan derden betaald zijn niet toe. De les voor de praktijk is dat dergelijke kosten dan beter ondergebracht kunnen worden in een (hogere) eigen bijdrage voor privégebruik. Als de werknemer de kosten eerst zelf aan een derde heeft betaald, vergoedt de werkgever ze eerst. Daarna wordt op het loon een eigen bijdrage voor privégebruik ingehouden. De werknemer heeft dan het voordeel van de fiscale aftrek op de bijtelling. Geplaatst op: 18 augustus 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/zelf-betaalde-kosten-niet-aftrekbaar-van-de-bijtelling/

Auto in privé voorkomt bijtelling niet


Het hebben van een privéauto is onvoldoende bewijs om onnauwkeurigheden in een rittenregistratie van de auto van de zaak goed te maken. Dat blijkt uit een nieuwe uitspraak van Rechtbank Den Haag. In die situatie ging het om iemand die gedurende 3 gecontroleerde jaren een LS600 van de zaak reed, en privé een Audi Q7 had. Voor de Lexus heeft hij geen rittenregistratie bijgehouden. Weliswaar is zo’n rittenregistratie niet de enige manier om aan te tonen dat je niet meer dan 500 km privé per jaar hebt gereden, maar andere vormen van bewijs zullen heel moeilijk een compleet tegenbewijs opleveren. Deze berijder heeft daarom achteraf alsnog een rittenregistratie opgesteld en aan de belastingdienst overgelegd. Zowel deze registratie als een latere verbetering bevatte volgens de rechtbank echter te veel onnauwkeurigheden om als overtuigend bewijs te kunnen dienen.  De rechtbank oordeelde dat de belastingdienst zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat de door berijder ingediende rittenstaten geen volledig beeld geven van de werkelijke gegevens met betrekking tot de gereden ritten, routes en afstanden. Omdat deze berijder ook geen ander bewijsmateriaal dan de achteraf opgemaakte rittenregistraties heeft ingebracht zijn de naheffingsaanslagen én de boetes van 40% terecht opgelegd. De enkele verklaring van eiser dat hij pertinent niet privé met de Lexus heeft gereden en ook de omstandigheid dat hem privé een Audi Q7 ter beschikking staat, maken dit niet anders. Hoewel de bewijslast van de tegenbewijsregeling vormvrij is, blijft een sluitende rittenregistratie erg aan te raden. Geplaatst op: 11 augustus 2018
Bron: https://autoenfiscus.nl/auto-in-prive-voorkomt-bijtelling-niet/

Bijtelling 2017-2020

Hoe zit het nou precies? Bijtelling 2017-2020
De afgelopen jaren is er veel veranderd op het gebied van bijtelling. Vooral de bijtelling in relatie tot de CO2-uitstoot van het voertuig heeft nogal wat veranderingen ondergaan. Zuinige auto’s zijn flink bevoordeeld met lage bijtellingscategorieën en een lage motorrijtuigenbelasting. In 2015 en 2016 werden de normen al flink aangescherpt en zijn ook de allerzuinigste auto’s belast met bijtelling. De vele veranderingen duiden op een achterhaald systeem. In 2017 is het systeem voor bijtelling volledig herzien. Lees verder >

Denk aan driemaandstermijn voor MIA-aanvraag op elektrische auto


De populariteit van volledig elektrische auto’s neemt toe, niet in de laatste plaats door de lage bijtelling van slechts 4% van de catalogusprijs. Op deze auto’s geldt bovendien milieu-investeringsaftrek (MIA). Deze MIA houdt in dat ondernemers tot een investering van € 50.000 een extra fiscale aftrekpost mogen aftrekken ter grootte van 36% van de investering. […] Lees verder >

De bijtelling gaat omhoog, en nu?

Maxima Lease bijtellingsregels
Op 1 januari gaan we van vijf naar vier bijtellingscategorieën, dat betekent in veel gevallen dat de bijtelling stijgt. Betaal je nu 7% dan betaal je volgend jaar 15%, zit je nu in de 14%-zone, volgend jaar wordt dit 21%. Alleen de auto’s met 0% uitstoot blijven hetzelfde percentage betalen, namelijk 4%. Lees verder >






100% tevreden klanten. Daar worden we bij Maxima Lease gelukkig van. Geen verzoek is ons te gek.

Maxima Lease. Heel veel opties.